Pagina's

zondag 29 september 2013

Voorleeswedstrijd

Voorleeswedstrijd



Ook dit jaar is er weer een voorleeswedstrijd voor de kinderen van de groepen 5 t/m 8. Alle kinderen van deze groepen doen mee aan de voorrondes in hun eigen klas. Ze kunnen zich hiervoor deze week inschrijven en voorbereiden. Uit elke groep strijden drie kandidaten op 7 november voor de titel ‘Voorleeskampioen’ van de Westwoud. 

Regels & tips voorleeswedstrijd


Hoe word ik een voorleeskampioen?
ü

Noem voor je begint met voorlezen de schrijver en de titel van het boek. Daarna zeg je heel kort waar het boek over gaat en vertel je een paar dingen die belangrijk zijn om het fragment te begrijpen. Bijvoorbeeld wie de personen zijn die erin voorkomen. Hoe korter, hoe beter; je mag het opschrijven en voorlezen.
ü

Lees niet te snel voor.   Neem de tijd of zoek een korter fragment. Je hoeft de vijf minuten (inclusief de inleiding) niet perse vol te maken!
ü

Spreek duidelijk. Gebruik je eigen stem.
ü

Let op de juiste klemtonen. Oefen eens hardop en vraag of iemand daarop wil letten.
ü

Probeer contact te houden met je publiek. Houd je boek dus niet voor je gezicht en probeer zo nu en dan de mensen in de zaal aan te kijken.
ü

Probeer niet toneel te spelen. Het gaat niet om leuke stemmetjes of om grote gebaren, maar om boeiend voorlezen.
ü

Je kan wel je stem gebruiken om de sfeer van het verhaal duidelijk te maken. Je kunt hard en zacht afwisselen. Je kunt in tempo variëren. Je stem kan bedroefd klinken of blij, of boos, dreigend of geheimzinnig, als het maar past bij het verhaal.
ü

Schreeuw nooit. Dat is ook beter als je tijdens de vervolgrondes met een microfoon moet voorlezen.
ü

Een keer verspreken is niet erg. Goed ademhalen en rustig opnieuw beginnen.


Kiezen van het fragment
Een goed fragment kiezen is niet zo makkelijk. Misschien heb je wat aan deze tips:
ü

Kies een boek waar je van houdt, maar denk ook aan je publiek (kies niet een te kinderachtig boek. Kijk ook bij de regels voor je juf of meester wat er staat over de boekkeuze).
ü

Probeer een mooi afgerond stuk te vinden (er bestaan boeken met duidelijk afgeronde hoofdstukken of korte verhaaltjes).
ü

Probeer eerst eens hardop of het boek ook lekker voorleest. Je weet dan meteen hoe lang je ongeveer over een bladzijde doet.
ü

Zorg dat er niet te veel personen in voorkomen, anders moet je zo veel uitleggen van tevoren. Te veel verschillende personen is ook lastig voor je publiek, het wordt dan misschien te ingewikkeld.


Oefenen
ü

Oefen het voorlezen heel goed. Vraag of iemand wil luisteren en commentaar wil geven. Laat die persoon wel eerst de voorleestips lezen.
ü

Zorg dat je het fragment heel goed begrijpt. Lees nog eens wat eraan voorafging.
ü

Gebruik de voorleestips en bekijk de spelregels.. Dan weet je meteen waar de jury straks op let. Als je oefent op de dingen die daar worden genoemd word je vast een voorleeskampioen!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen